Verwerkingsrichtlijnen
Verwerkingsrichtlijnen
Selecteer een of meerdere hoofdstukken om te downloaden.
Inhoudsopgave

Onderste aansluiting

Begin na het voltooien van de onderconstructie met de montage van steekprofielen, afdekstrips, geperforeerde platen en druiplijsten. De voegvorming van de druplijst moet overlappend en verlijmd plaatsvinden. De (verborgen) daaronder liggende druiplijst wordt ingesneden zodat de bovenliggende druiplijst kan worden gemonteerd.

Als alternatief kan de stootvoeg van de druiplijst ook met een ingestoken en gelijmde voegverbinding worden uitgevoerd:

Als de voorbereidingen voor de aansluitingen voor de sokkels van de geventileerde voorhanggevel (geperforeerde plaat en afdekstrips) zijn getroffen, kan de montage met het startprofiel beginnen. Het startprofiel is altijd het eerste profiel voor de bouw van een gevel met geëxtrudeerde profielen.

Verticale montage

Opmerking

Afhankelijk van de profielgeometrie en de bijbehorende profieldiepte moet de uitkraging van de druiplijst worden aangepast.

Om bij de geëxtrudeerde profielen voor voldoende toevoerlucht van de ventilatie aan de achterkant te zorgen, moet de afstand tussen de onderrand van het profiel en de druiplijst minimaal 10 mm bedragen.

Horizontale montage

Een nauwkeurige montage is belangrijk aangezien dit het aanzien van uw gevel in hoge mate bepaald. Hoe nauwkeuriger de profielen opgemeten en vervolgens gemonteerd worden, des te gemakkelijker kunt u het PREFA-gevelsysteem vakkundig monteren. Zorg ervoor dat de ventilatie aan de achterzijde niet wordt belemmerd. 

Let op een niet-beperkende montage door de bevestiging van het startprofiel aan de onderconstructie te monteren met een duidelijke vastlegging van vaste punten en schuifpunten.

Opmerking

Voordat de geëxtrudeerde profielen in het startprofiel worden gestoken, moeten alle metaalspanen en vervuilingen worden verwijderd, zodat de schuifklang soepel kan worden gemonteerd.

Bij grotere gebouwafmetingen mag u de startprofielen en het geperforeerde steekprofiel niet stoten vanwege de uitzetting van het materiaal. Houd een afstand van 5–10 mm aan voor het uitzetten van het materiaal (afhankelijk van de lengte van het startprofiel).